Italië als politiek laboratorium

De jonge, dynamische premier Matteo Renzi van de centrum-linkse PD zou in februari 2014 Italië voortvarend gaan omvormen tot een modern, meritocratisch en efficiënt Europees land. Het oude, corrupte systeem zou door hem "gesloopt" worden. De belegen politieke bovenklasse (lees: het gevestigde kader van zijn partij) zou vervangen worden door frisse, jonge politici. Helaas, Renzi slaagde er inderdaad in om het ontslagrecht enigszins te flexibiliseren en zowaar een homohuwelijk (onder andere naam) in te voeren, langzaamaan liepen zijn hervormingsplannen echter vast en raakten veel Italianen ervan overtuigd dat hijzelf ook tot het establishment behoorde en dus "gesloopt" moest worden. Eind 2016 gebeurde dat, toen Renzi het referendum over een belangrijke hervorming van de grondwet verloor. Hij stapte op als premier en begon na een periode van low profile aan een comeback als partijleider.

Op dit moment wordt het land geregeerd door zijn partijgenoot Paolo Gentiloni, in afwachting van nieuwe verkiezingen uiterlijk in het vroege voorjaar van 2018. Er zijn genoeg kapers op de kust om de macht van de PD over te nemen. Oude vos Silvio Berlusconi (80) beschikt nog altijd over de nodige aanhang, al mag hij zich na zijn veroordeling wegens belastingfraude niet meer zelf kandidaat stellen voor een parlementszetel. De door komiek en performer Beppe Grillo opgerichte Vijfsterrenbeweging blijft stabiel het derde grote blok binnen de Italiaanse politiek, ondanks tegenvallende resultaten bij lokale verkiezingen en in Rome onder Vijfsterrenburgemeester Virginia Raggi. 

Wat voor politieke toekomst gaat Italië tegemoet? Komt er eindelijk stabiliteit om de huizenhoge staatsschuld aan te pakken en de economische groei op de rails te krijgen? Worden de problemen rond het wankele bankensysteem echt opgelost? Gaan de grillini regeren en zo ja, met wie? Het zijn spannende tijden.